dinsdag 11 mei 2010

Chris Potter Underground

Datum: 10 mei 2010

Locatie: Bimhuis, Amsterdam

Uitvoerenden: Chris Potter Underground: Chris Potter, ts, bcl; Adam Rogers, g; Scott Colley, bg; Nate Smith, d

Een half uur voor aanvang in de zaal en ik bemachtig net een van de laatste losse stoelen achterin. Ik markeer de stoel als de mijne door er mijn colbertje over te hangen en ga op een drankje uit. Er hangt een gezellige sfeer in de zowel de bar als de zaal die hierdoor een geheel lijken te vormen. Ik keer met mijn drankje terug naar mijn stoel en even later betreden de muzikanten onder luid applaus het podium. Chris zet in met wat eerst wat losse noten lijken op de basklarinet. Adam Rogers zet hier al snel een stevig ondersteunend thema tegenaan dat de basis vormt voor de groove die klinkt als basgitaar en drum hun bijdrage gaan leveren. Op hetzelfde moment verruilt Chris Potter zijn basklarinet voor de tenorsaxofoon. Het donkere geluid van de elektrische gitaar en basgitaar en het nogal directe saxofoongeluid zorgen ervoor dat het geheel een funky klankkleur laat horen. Harmonisch gebeurt er heel weinig. Het hele stuk door wordt door de verschillende spelers afwisselend gesoleerd op hetzelfde akkoord. Alleen vlak voor het einde wordt hier enkele maten van afgeweken. Deze opzet is kenmerkend voor de meeste stukken in dit concert. Enkele malen trekt Chris Potter zich terug, meestal om Adam Rodgers als solist de ruimte te geven. Opvallend is echter ook de zeer vrije en prominente stijl van Nate Smith op de drums. Als op een gegeven moment na een strakke en opzwepende drumsolo Chris Potter terugkomt, schijnbaar om deze solo af te sluiten, blijft de drum, waar je zou verwachten dat deze zich in zijn rol in de ritmesectie terug zou trekken, op de voorgrond als duelleerpartner van de saxofoon.

De tweede set wordt ingezet door drummer en bassist. Twee akkoorden wisselen elkaar in een strak schema af. Chris Potter begint een rustige solo waarbij de gitaar het rustige patroon van de ritmesectie versterkt. In de saxsolo herken ik in een gebroken akkoord naar boven en naar beneden een letterlijk citaat uit een stuk voor basklarinet solo van Eric Dolphy. De als ballad ingezette solo wordt steeds drukker en ontwikkelt zich tot een opeenvolging van zeer snelle loopjes waarbij het toonhoogte oploopt tot de hogere toptones van de sax. Dit onder begeleiding van instemmende geluiden uit het publiek. Er volgen nog onder andere een stuk waar een latin groove de basis vormt, een interpretatie van "Single Pedal of a Rose" van Duke Ellington, een stuk genaamd "Tweet" ingezet met vogelgeluidjes op alleen het mondstuk van de saxofoon en afgesloten wordt met "Togo", een stuk gebaseerd op een West-Afrikaanse volkswijs.

Roy Haynes & the Fountain of Youth

Datum: 1 mei 2010

Locatie: Lantaren/Venster, Rotterdam

Uitvoerenden: Roy Haynes & the Fountain of Youth: Roy Haynes, d; Jaleel Shaw, as, ss; Martin Bejerano, p; David Wong, b.

Ter ere van zijn 85ste verjaardag geeft drummer Roy Haynes een serie concerten met het Fountain of Youth waarbij hij vandaag Rotterdam aandoet. Het publiek verzamelt zich in de bar want de zaal gaat pas vlak voor aanvang van het concert open. Als het zover is en iedereen zijn plek in de bioscoopachtige zaal heeft ingenomen komen de muzikanten op. Gelijk valt de vitaliteit en een voor een 85-jarige jonge uitstraling van Roy Haynes op. De piano zet een droge solo in de vorm van elkaar in een vrij ritme opvolgende tonaal klinkende akkoorden. Het blijkt een voorstellingsrondje te worden want de drummer neemt het over terwijl de piano verstomt. In het nog altijd vrije ritme eerst alleen de bass drum, waarna snare drum en hi-hat het overnemen. De altsax neemt het stokje vervolgens van de drums over en geeft het vervolgens weer terug waarna al snel de contrabas zich voorstelt, dit keer onder begeleiding van de drums. Dan voegt de piano in en vervolgens ook de altsax die al snel een solerende rol neemt. Nadat ook de pianist gesoleerd heeft gaat het stuk over in een samenspel dat al gauw stiller en leger gaat linken om op wat ijle nootjes na uit te sterven. De saxofonist verwisselt zijn alt voor de sopraan en naadloos wordt het tweede nummer opgepakt. Zonder echt te soleren heeft de drummer een vrije en duidelijke rol. Van een duidelijke tonaliteit is in dit tweede nummer geen sprake meer. Achter mij mompelt iemand tegen zijn buurman dat de pianist weliswaar technisch knap speelt, maar dat het voor geen meter swingt. Volgens mij is het ook de bedoeling niet dat het swingt. Roy Haynes heeft voor dit nummer zijn sticks voor brushes verruild en is iets meer op de achtergrond. Shaw verlaat het podium om ruimte te maken voor een pianosolo. Er klinkt een weifelend applaus. Kennelijk is het niet duidelijke of er sprake is geweest van een solo. Na de pianosolo voegt de sax zich weer bij de groep. Het einde van het stuk wordt gemarkeerd door aanzwellend en vervolgens uitstervende galmende bekkens.

Het volgende stuk wordt ingezet met een drumsolo waarbij met mallets gespeeld wordt. Hierna volgt een stuk waar voor het eerst een swingend ritme te horen is. Het zal ook het laatste zijn waarvoor dit geldt. Het publiek is het hele concert erg rustig. Van Roy Haynes mag er duidelijk wat meer enthousiasme geuit worden. Misschien de combinatie van wat minder toegankelijke muziek en een wat stugger Rotterdams publiek.